1410774442Onlangs had ik het genoegen om deel te nemen aan de Visitors Journey, een door Leiden Marketing en de Culturele instellingen van deze stad georganiseerd werkbezoek voor Raadsleden om zodoende in contact te komen met het (culturele) moois dat de stad te bieden heeft. Op het programma stonden onder meer een rondvaart (foto) door het prachtige Leiden, een bezoek aan de musea Oudheden en Boerhaave en een korte voorstelling van het PS Theater in het Scheltema. Eens te meer werd voor mij duidelijk dat Leiden de culturele liefhebber een hoop te bieden heeft en dat het culturele spectrum breed is. In Leiden kom je blockbuster-tentoonstellingen als Petra tegen, maar ook theatermakers die verhalen van de stad gieten in een mooi schouwspel op het toneel.

Later op de dag gingen we van de ‘zachte’ naar de ‘harde’ kant van de stad. Ofwel van cultuur naar het bedrijfsleven. En dat bleek een wereld van verschil. Waar de aandacht in Leiden vaak (terecht) uitgaat naar cultuur en aan wetenschap gelieerde bedrijvigheid worden de gewone MKB’ers zoals groothandels, fruitverkopers, bouwbedrijven en timmerlieden stelselmatig vergeten of niet serieus genomen. Pijnlijk was het gesprek dat we hadden op de Rooseveltstraat met de gelijknamige ondernemersvereniging. Zij proberen met veel enthousiasme en tegen inlevering van veel vrije tijd op te komen voor de belangen van de ondernemers in het gebied. “Wij willen graag een gebied hebben waar je fatsoenlijk een boterham kunt verdienen. Wij trekken zo vaak aan de bel bij de gemeente in de hoop zaken te verbeteren, maar we worden van het kastje naar de muur gestuurd. Ambtenaren hebben geen mandaat om samen met ons de straat qua uiterlijk en inrichting te verbeteren of komen als het puntje bij het paaltje komt gemaakte afspraken niet na. Neem nou het voornemen om de Rooseveltstraat onderdeel te maken van een omvangrijk fietsnetwerk. Met al dat bouwverkeer hier!  Voor de grote twijfels die wij hebben is de gemeente simpelweg doof. Maar dit is slechts een voorbeeld, ik zou zo uren kunnen doorgaan”. Zodra je als ondernemer niet in de sexy hoek van innovatie en kennis zit, pis je als ondernemer dus lelijk naast de pot, was mijn conclusie.

Ik wijt dat aan een gebrek aan prioriteit. Een economisch vitale stad heeft simpelweg doorsnee bedrijvigheid nodig. Niet alleen omdat we allemaal wel eens een nieuwe badkamer of een loodgieter nodig hebben, maar ook omdat het werkgelegenheid biedt aan velen. Je kan deze ondernemers niet stelselmatig negeren en de problemen die ze hebben wegmoffelen of continue scharen onder het kopje ‘ondernemersrisico’.  Nee, deze mensen verdienen een boterham voor zichzelf, maar ook voor de stad en dus moet je ze helpen en er minimaal de zorg voor dragen dat ze fatsoenlijk kunnen ondernemen. De gemeente zorgt, al dan niet samen met de ondernemersvereniging, voor de randvoorwaarden en de ondernemer doet de rest. Nog pijnlijker was dat de ondernemersvereniging aangaf dat het gebrek aan prioriteit en aandacht dat voor de Rooseveltstraat geldt, te kopiëren is voor de andere bedrijfsterreinen. Het is dus geen incident maar structureel!

Hoe nu verder? Afgesproken is dat Ondernemend Leiden een (brand)brief stuurt aan het college waarin de misstanden worden aangegeven. Als het niet van onderaf kan, dan maar van boven. Het CDA zal, al dan niet gesteund door anderen, verzoeken om deze brief met de wethouder in de commissie te bespreken om zodoende de wethouder te bewegen tot actie. Niet alleen voor die ondernemers, maar ook voor u en mij als consument. Want we zitten er toch niet op te wachten dat je voor een keuken of een nieuw dakkappelletje naar Leiderdorp of naar Rijnsburg moeten!

6871394_orig