7779219Bijna wekelijks kom ik er: koffiebranderij Borgman & Borgman aan de Nieuwe Rijn. Vader en zoon Borgman branden in hun knusse winkel als enige in Leiden hun eigen koffie. Desgevraagd zetten ze ook een lekker bakkie voor je. Het lekkere is dat in hun zaak de lucht van vers gebrande en vers gezette koffie heerlijk blijft hangen. Een geursensatie kan ik u zeggen. De winkel is net een jaar oud en gelukkig gaat het naar behoren. “We mogen niet klagen” is steevast het antwoord van vader Rien als je vraagt hoe het gaat. “Maar het is keihard werken hoor” voegt hij eraan toe. Een vrijstaand huis met oprijlaan zit er nog lang niet in en ook de 3 BMW’s voor de deur zijn voorlopig nog een droom. Maar een goede start is gemaakt.

Ondanks het feit dat Leiden heel veel van dit soort MKB-ondernemers kent, vormen de Borgmannen toch een uitzondering. Niet omdat ze MKB-ondernemer zijn, maar wel omdat ze onlangs gestart zijn. Immers, Leidenaren die een eigen winkel beginnen zijn schaars aan het worden. Wellicht door het economisch tij, wellicht door de priemende druk om vooral om 7 dagen open te zijn, feit is dat er steeds minder vaak een vakidioot de handschoen oppakt en voor zichzelf begint. Ook het imago van Leiden als MKB-vriendelijke gemeente zal veel twijfelaars niet over de streep trekken. Wie een onderneming begint doet eerst marktonderzoek. Bij het zoeken kom je al snel het onderzoek MKB-vriendelijke gemeente 2012/2013 van MKB-Nederland tegen. Het beeld van Leiden dat daar uit naar voren komt is op z’n zachts gezegd weinig aanmoedigend. Op de vraag of Leidse ondernemers tevreden zijn over de gemeente is het antwoord bedroevend. Leiden bungelt van de 67 Zuid-Hollandse gemeenten op de 58e plek. Wanneer de lokale lasten worden afgezet tegen de geboden kwaliteit van de dienstverlening scoort Leiden een magere 5,7 (nummer 52 van 67). Wat betreft communicatie met ondernemers is er een lichtpuntje. Leiden scoort qua vriendelijkheid een ruime voldoende. Op onderdelen ‘begrip voor ondernemers’, ‘vergunningverlening’, ‘betrouwbaarheid’ en ‘deskundigheid’ is dat helaas niet het geval. Het is niet alleen (ruim) onvoldoende, maar ook (ver) onder het landelijke en Zuid-Hollandse gemiddelde. Wie het onderzoek leest kan twee conclusies trekken: 1) Leiden is een MKB-onvriendelijke gemeente en 2) wat is het gaaf dat ondernemers als Borgman & Borgman toch in Leiden beginnen met ondernemen. Het is dus niet dankzij, maar ondanks de gemeente dat er in Leiden nog mensen zijn die een winkel openen of een bedrijf beginnen. Het is niet dankzij, maar ondanks de gemeente dat winkelen voor plezier nog steeds een van de hoofdredenen is om de binnenstad te bezoeken.

Stel je toch eens voor dat we de zwakke punten zouden verbeteren. Dat we ondernemers niet langer zien als vijanden, maar als bondgenoten om Leiden nog ondernemender te maken. Dat kan een enorme stimulans zijn voor bedrijvigheid en ondernemerschap in de Sleutelstad. Voor het volgende onderzoek moet Leiden geen genoegen meer nemen met een plek in de staart van de ranglijst, maar moet het de doelstelling hebben om in de top 10 van MKB-vriendelijkste gemeenten te staan. Hoe? Door lokale lasten niet verder te laten stijgen. Door het aanstellen van één direct aanspreekpunt voor (startende) ondernemers binnen de gemeente. Door het verhogen van de betrouwbaarheid van de gemeente door consequent te handhaven om ondernemersergernissen te voorkomen en daar ook de handhavingscapaciteit voor vrij te maken. Door mee te denken met ondernemers en ze de ruimte te geven voor het maken van plannen. Door het zetten van een streep door regels en vergunningen die ondernemerschap onnodig belemmeren. Wat ondernemerschap betreft zou ik zeggen: Hup en nu vooruit! Niet zoals de afgelopen jaren genoegen nemen met een kleurloze plek onderaan de ranglijst, maar gaan voor die Top 10!