3909201Acht jaar geleden kwam ik voor het eerst in de Raad. Net afgestudeerd en dus nog nat achter de oren gebruikte ik de zomerse komkommertijd om een echt Leids probleem aan te kaarten namelijk de overlast die meeuwen al decennialang veroorzaken. Steeds vaker kregen wij berichten van Leidenaren die nauwelijks meer in de tuin konden zitten vanwege de aanwezigheid van deze vliegende ratten. Duikvluchten op een schaal toastjes of koekje in de handen van een kind, veel varianten hebben we voorbij zien komen. Opvallend was dat het met name overlast in de buitenwijken betrof, zoals de professorenwijk en het Boerhaavedistrict. Acht jaar later, zo las ik afgelopen week, is het probleem nog steeds actueel. VVD-kamerlid Heerema heeft het onderwerp weer op de agenda gezet. Terecht want in die 8 jaar tijd is ook de overlast in Leiden eerder groter dan kleiner geworden.

Terug naar acht jaar geleden: Ik denk dat het stellen van vragen over de overlast van meeuwen een van mijn eerste setjes schriftelijke vragen aan het toenmalige college moet zijn geweest. Aan een wethouder van GroenLinks nota bena. Grote kans dat hij (John Steegh) en ik anders zouden denken over de oplossing van het probleem. Dat bleek ook zo te zijn. Steegh stak, samen met de stadsbioloog niet onder stoelen of banken dat hij minder moeite had met het probleem en zocht de oplossing in het doen van onderzoek naar het gedrag van meeuwen. Zelfs het ‘ach het hoort er een beetje bij’ werd toentertijd als argument gebruikt. Wij kregen te veel mailtjes en telefoontjes over het irritante gedrag van meeuwen en zochten de oplossing meer in nemen van maatregelen om de overlast aan te pakken. Dat ‘ach het hoort er een beetje bij’ ging er bij ons niet in. Nog steeds niet trouwens!

In die tijd sprak ik regelmatig met experts. Dat varieerde van biologen tot bedrijven die methoden in de aanbiedingen hadden voor het probleem. Uiteraard was de belangrijkste vraag hoe die meeuwen toch in Leiden terecht zijn gekomen. Opvallend genoeg had het antwoord weinig met het aanbod van voedsel te maken. Het gebrek aan een natuurlijke vijand en dus het kunnen stichten van een veilig nest is de voornaamste reden van hun aanwezigheid. In de duinen is de vos als natuurlijke vijand aanwezig. Vandaar dat meeuwen de veilige Leidse, maar ook Haarlemse, Alkmaarse en Goudse daken en dakgoten opzoeken om een nestje te beginnen. Dat er voldoende voedsel aanwezig is, is een bijkomstigheid, maar van meeuwen is bekend dat ze tientallen kilometers vliegen om hun voedsel te halen. Dat bleek onder meer uit de documentaire reeks “Nederland van Boven” (zie onderstaand filmpje). Een meeuw met nest vol jongen vloog op een dag van de Texel naar de binnenstad van Amsterdam via de Noordzee weer terug. Met voedsel uit de binnenstad van Amsterdam dus. Uit andere onderzoeken die met name gericht waren op de maaginhoud van meeuwen bleek dat meeuwen regelmatig tussen steden hoppen om aan voedsel te komen.

Experts legden uit dat de oplossing niet zozeer gezocht moest worden in het verminderen van het voedselaanbod (meeuwen zijn immers bereid om lang te vliegen) maar in populatie-reducerende en populatie-verdrijvende maatregelen in het gebied zelf. Maatregelen als het verwisselen van eieren voor stenen eieren, het dippen van eitjes in een olie zodat ze niet meer uitkomen, het plaatsen van ondergrondse containers en het spannen van netten op platte daken zijn voorbeelden van maatregelen waarmee de populatie kan worden verkleind. Nestplekken en het voedselaanbod worden hiermee gereduceerd. Het inzetten van een natuurlijke vijand, zoals een roofvogel als de valk maar ook het gebruiken van angstgeluiden die meeuwen afschrikken of het oplaten van vliegers of ballonnen in de vorm van een natuurlijke vijand zijn voorbeelden van maatregelen die meeuwen kunnen dwingen om andere gebieden op te zoeken. De polders rondom Leiden bijvoorbeeld. Het allerbelangrijkste volgens experts die bijvoorbeeld ook de Kroondomeinen en Schiphol meeuw- (en vogel)vrij houden is dat het een combinatie van maatregelen moet zijn. Meeuwen zijn slim en dus zijn een ondergrondse containers of het introduceren van een natuurlijke vijand niet voldoende. En maatregelen moeten langdurig worden volgehouden. Daar gaat het vaak mis.

Het huidige college is begonnen met het plaatsen van ondergrondse containers. Goed initiatief maar daarmee is het probleem nog lang niet opgelost. Bekijk het filmpje nog maar eens en concludeer dat de Leidse meeuw ook gewoon naar Amsterdam vliegt om zijn kostje op te pikken. De mogelijkheid en de aantrekkelijkheid om in Leiden een nest te beginnen moet worden verkleind en dat kan alleen als je een ‘cocktail van maatregelen’ treft. Dat verzoek hebben we het college 8 jaar geleden ook gedaan. Toen kregen we nul op het rekest. Wellicht nu niet!

Rest mij aan te geven dat ik de mij toen opgespelde titel ‘Meeuwenman’ heb doorgegeven aan collega-CDA’er Roeland Storm. Het zit immers in zijn portefeuille. Roeland is politieman en dus crimefighter pur sang.  Het kan niet anders dan dat ook dit stukje ‘crime’ een kolfje naar zijn hand is!