Leiden is de mooiste stad van de wereld. Leidenaar, Raadslid en historicus Joost Bleijie gaat op zoek naar de mooiste plekken in de stad en de mooiste verhalen die achter de Leidse plekken, personen, gebeurtenissen of producten schuil gaan. Uiteraard maakt hij een Selfie op deze plek. Deze keer in Selfie met….: Piet Paaltjens

Selfie met... - Piet PaaltjensHij keek er op terug zoals heel veel studenten die in Leiden studeerden er op terugkijken namelijk als de mooiste tijd van zijn leven. Studeren in Leiden aan de mooiste en oudste universiteit van Nederland met misschien wel het meest beruchte studentenleven van het land, het is voor velen een geweldige tijd geweest. Zo ook voor François Haverschmidt die later vooral bekend werd onder zijn pseudoniem Piet Paaltjens. Zijn bekendste en misschien wel beroemdste werk was Snikken en Grimlachjes, waarin hij met veel weemoed terugkeek op zijn Leidse studententijd en waarin hij de lezer een mooi inkijkje geeft in het 19e eeuwse Leidse studenten- en stadsleven. Anders dan nu was het studentenleven van toen doorspekt met de tradities, mores en gewoonten. In de stad zelf waren studenten een wonderlijke op zichzelf staande subcultuur. Leidenaren, hoofdzakelijk arbeiders, hadden weinig met hun elitaire, tijdelijke stadgenoten.

François Haverschmidt werd in 1835 geboren Leeuwarden. Eigenlijke was zijn achternaam slechts Haver, maar omdat hij gedeeltelijk door zijn Duitse oom Schmidt werd opgevoed voegde die aan Haver dus Schmidt toe: Haverschmidt dus. Hij groeide op in een gezin van theologen. Het was daarom niet verwonderlijk dat hij zelf in 1852 theologie ging studeren in Leiden. Uiteraard werd hij lid van Minerva, in die tijd de enige studentenvereniging van Leiden. Tijdens zijn studententijd begon hij onder het pseudoniem Piet Paaltjens te schrijven. Onder dit pseudoniem kon hij makkelijker zijn emoties beschrijven. Haverschmidt beschreef vaak op een beetje treurige, melancholische wijze over de dagelijkse realiteit in de stad en studentenleven. Het waren verhalen over dames met eindeloos lang blond haar of mysterieuze kennismakingen. Haverschmidt was een romanticus en wellicht deed hij pogingen om met zijn verhalen en gedichten onder het pseudoniem Piet Paaltjens te ontsnappen uit de soms wat grauwe werkelijkheid.

In 1856 begint Paaltjens met publiceren, eerst in een studentenalmanak daarna ook buiten de studentenwereld. Pas in 1867, toen Paaltjens al predikant was in Schiedam, bundelde hij al zijn verzen onder de naam Snikken en Grimlachjes. Haverschmidt blijf bijna zijn leven lang onder de naam Piet Paaltjens publiceren en wilde ook liever niet dat zijn echte naam uitkwam. Ondanks de afkorting  ‘F.H.’ die in de inleiding staat, moet de lezer voor de rest geloven dat de schrijver een ietwat droevige jongeman genaamd Piet Selfie met...-bij Piet PaaltjensPaaltjens is. “Zij namen hem mee naar de sociëteit, maar alle pogingen om hem op te vroolijken bleven vruchteloos. Hij scheen een bijna instinctmatige afkeer te hebben van goedronde pret” zo schreef FH over Piet Paaltjens. Eigenlijk over zichzelf dus.

Toch koesterde Haverschmidt warme herinneringen aan zijn studententijd. Zeker na zijn studie kon hij meewarig terugkijken. In briefwisselingen met vrienden van toen werd geschreven “… Ik herdacht al die zalig uren, toen wij daar alles smaakten wat, wat de aarde zoets en heerlijk heeft”. Na zijn studententijd werd Haverschmidt predikant maar een heel gelukkig leven werd dat niet. Hij leed veel aan depressies. In 1894 beroofde Haverschmidt zichzelf van het leven. In Leiden doet nog best wel veel denken aan Piet Paaltjens. Veel van zijn documenten liggen in universiteitsbibliotheek, op Hogewoerd 63 waar hij woonde is er een gedenkplaat en er staat een standbeeld van Paaltjens aan de Klikspaanweg. En een van zijn gedichten is leesbaar op de zijgevel van ‘zijn’ sociëteit Minerva. Want ondanks de vele slechte periode in zijn leven, keek Piet Paaltjens altijd met plezier en weemoed terugdacht aan zijn studententijd. In Leiden dus.