38. Selfie met ...-Rubberen Robbie

Leiden is de mooiste stad van de wereld. Leidenaar en historicus Joost Bleijie gaat op zoek naar de mooiste plekken in de stad en de mooiste verhalen die achter de Leidse plekken, personen, gebeurtenissen of producten schuil gaan. Uiteraard maakt hij een Selfie op deze plek. Deze keer in Selfie met….: Rubberen Robbie

38. Selfie met...- Rubberen RobbieEen persoonlijke ontboezeming: Ik sta met mijn gezin ieder jaar op een camping in de Achterhoek en door de jaren heen hebben we de nodige contacten gelegd met echte Achterhoekers. Zoals mijn inmiddels beste Achterhoekse vriend Herbert uit Borculo. Vorig jaar nam hij mij mee naar de Trekkertrek in Lochem alwaar ik tussen de Achterhoekers naar trekkers keek, bier dronk en als een malle Normaal probeerde mee te zingen. Onmogelijk! Achterhoekers zijn door hun accent nauwelijks te verstaan. Op een dag, al Grolsch drinkend voor zijn Caravan, probeerde ik hem blij te maken in een stukje Leidse folklore. Ik had de CD van Rubberen Robbie aangezet. Het eerste nummer was heel toepasselijk getiteld namelijk Met een stuk in mijn reet. Op de melodie van Henk Wijngaarts ‘met een vlam in de pijp rijd ik door de Brennerpas’ was de Leidse variant ‘met een stuk in m’n reet, stort ik van de Blauwpoortsbrug’ te horen. Ik genoot! Halverwege het nummer keek Herbert mij aan en zei ‘wat zingt tie nou, ik kan de helft niet verstoa’n’. Het voelde als een overwinning! Het Leids, het best vertolkt door Rubberen Robbie, was voor hem net zo slecht te verstaan als het Achterhoeks voor mij! Het vulde mij toch met een gevoel van trots.

Rubberen Robbie, iedere Leidenaar kent ze en iedere Leidenaar kan het voor Leiden meest betekenende nummer 3 Oktober meezingen. Rubberen Robbie, wat Hazes voor de hoofdstad is, is Rubberen Robbie voor Leiden. Rubberen Robbie kwam voort uit de Leids/katwijkse Bandjes Catapult en the Monotones. Eind jaren ’70 woonden de mannen van Rubberen Robbie in de net gebouwde Merenwijkse Ravenshorst in een commune. Het eerste nummer dat op de A-kant van de single moest verschijnen was Geef mij maar drank. Ondanks verwoede pogingen in Hilversum werd het nummer nauwelijks op de radio gedraaid. Overigens is de Leidse -R- in dat nummer nog nauwelijks hoorbaar. Op de B-kant van de single des te meer. Daar kwam bij wijze van grap het nummer Zuipen op. In het nummer werd voor het eerst de dan nog niet bestaande Hut van Ome Henne genoemd. In een artikel in Mare liet wijlen Cees Bergman optekenen dat een visboer dat op zaterdagmiddag in de kroeg altijd zei: “Lekker Bonke in die hutte, Die hut van ome Henne’. Willem Ankone, eigenaar van een kroeg zonder naam in de St. Aagtensteeg doopte niet lang hiernaar zijn kroeg met de naam ‘De Hut van Ome Henne’. Zie hier de geboorte van een van Leidens bekendste kroegen. Zuipen werd wel 38. Selfie met...-Rubberen Robbie #2gedraaid op de radio. Het werd het eerste hitje van Rubberen Robbie. Daarna volgde onder meer De Nederlandse Sterre die strale overal een parodie op de hitmedley van Stars on 45 en Een beetje verziekt dat veel weg had van Een beetje verliefd van Hazes. In 1982 stopte de productie van Rubberen Robbie.

Na jaren van droogte is er sinds een aantal jaar een waardig opvolger van Rubberen Robbie actief. Ook in het Leids, ook met veelvuldig verwijzingen naar bier en, veel meer nog dan in de jaren ’70, naar rondborstige dames. Voor Herbert zette ik ook wat van Barry Badpak aan en ook dat was onverstaanbaar voor hem. Wat hij wel verstond was ‘ik ben al jaren gelukkig niet getrouwd en anders ging ik zeker wel wat vaker in de fout’, Herbert dronk in een slok zijn biertje leeg, stond op en hoorde bij het weglopen: “ik denk aan mijn kratje bier, dat geeft mijn veel plezier, wat moet je anders dan als je lekker zuipen kan”. ‘Kiek’ zei Herbert, ‘da’s bij ons ook zo’.